Blog

Yoga op het slagveld

 Of de yogaleer volgens de Bhagavad Gita

 

Iyengaryoga, Bikramyoga, Yinyoga, Ashtangayoga, Poweryoga – allemaal benamingen voor fysieke yoga, samengevat onder de noemer hatha yoga. Deze vorm van heeft hat laatste decennium een enorme vlucht genomen.  Maar de yogaleer reikt veel verder dan alleen yoga op de mat. Voor De Yogakrant dook ik nogmaals in de Bhagavad Gita, en leerde over karma yoga en hoe je groeit door te handelen.

 De Bhagavad Gita is al eeuwenlang het meest geliefde boek in India. In deze ‘Bijbel van de hindoes’, onderricht de god  Krishna de koninklijke krijger Arjuna over zijn dharma, de taak die hij heeft te vervullen in zijn leven. Hij raakt hiermee de kern van de yogaleer:  karma yoga, die van onbaatzuchtig handelen. De discussie tussen deze twee grote mannen vindt plaats op het slagveld, op het moment dat Arjuna ontdekt dat hij strijd moet leveren tegen familieleden en andere dierbaren.

Arjuna-Krishna

Overwin je angsten

Het lijkt nogal tegenstrijdig, het boek waarin alle ins en outs over de leer van karma yoga zijn opgetekend, speelt zich af op een slagveld. In eerste instantie lijkt de Gita een handleiding over hoe te handelen in oorlogstijd, een legerleider die zijn krijger motiveert. Maar dit is slechts de buitenste laag van het verhaal. De Gita is vooral symbolisch bedoeld en gaat in wezen over het doel van het leven, de weg die je als yogi hebt te gaan en de obstakels die je daarbij hebt te overwinnen. Arjuna is hier de leerling, of sannyasin, die nog in onwetendheid leeft. Krishna staat voor het hogere bewustzijn dat in ieder van ons aanwezig is. De hele leer is gegoten in een dialoog van achttien hoofdstukken, waarbij Arjuna aanvankelijk in grote wanhoop verkeert, tot inzicht komt en uiteindelijk een staat van ultieme vrijheid bereikt. Krishna laat zijn leerling zien dat hij, door afstand te doen van zijn wensen en verlangens die allen uit zijn ego voortkomen, uiteindelijk geen  gescheidenheid tussen lichaam en geest  meer zal ervaren.  Want pas als je tevreden bent  met wat er is, zo leert hij, en in staat bent om helder te denken en oordelen, is er sprake van  éénheid.

 

Doe wat je moet doen

De Gita gaat dus over het overwinnen van angsten, over hoe je al handelend je weg baant. Door alles wat je doet, de keuzes die je maakt, de beslissingen die je neemt, baan je  jouw pad in het leven. ‘Aarzel niet over wat jouw plicht is,’ zegt Krishna tegen Arjuna op het moment dat die ziet dat hij tegen zijn familieleden moet optrekken. ‘Wees er niet bang voor.’

De Gita biedt een praktische kijk op de conflicten die zich aan ons voordoen en elk hoofdstuk bevat een unieke les. Diep van binnen weet je vaak of je de goede keuze maakt die op dat moment bij je past.   Of je wel of niet van baan moet veranderen of juist voor jezelf moet beginnen. Of je wel of niet met vrienden op vakantie moet, of liever thuis blijft omdat je behoeft heb aan tijd voor jezelf.

 

En geef je over

Twijfelen mag, maar heb je eenmaal gekozen, ga er dan ook helemaal voor. Doe wat je doet met volledige overgave, onderricht Krishna.  En focus je niet op het resultaat van wat je doet, maar op de weg daarnaar toe.  Succes of mislukking doen niet ter zake. ‘Het is beter om je eigen taak slecht uit te voeren dan die van een ander goed,’ zegt Krishna. Dat maakt dat je heel erg in het moment bezig bent.

En tenslotte zegt Krishna: ‘Draag alle handelingen aan mij over, aan God,’ want ware roeping komt voort uit het samengaan van de individuele met de goddelijke ziel. Het Godsgeloof spreekt je misschien niet zo aan, maar een schrale troost: volgens de yogaleer zit God in ons allemaal. Hier predikt  Krishna de leer van de bhakti yoga, die van volledige overgave. Meditatie kan je daarbij helpen om te accepteren hoe het leven zich aan jouw aandient, zonder dat je dat lijdzaam hoeft te ondergaan trouwens.

Want zie Arjuna: uiteindelijk overwon hij zijn angsten, accepteerde dat hij niet anders kon doen dan zijn taak uit te voeren en hij trok ten strijde.

——————————————————————————————————————-

Schrijven & yoga

Schrijven en yoga hebben meer met elkaar te maken dan je op het eerste gezicht zou denken. Beide disciplines versterken elkaar en brengen je in aanraking met ongekende kanten van jezelf. Hieronder een vijftal overeenkomsten   hoe je ermee aan de slag kunt.

Chirstel-kurkeik

 

Inspiratie komt van een regelmatige ademhaling, een goed contact met de grond en een commitment. –  Laraine Herring, schrijfcoach.

‘Hoofden zijn afgesloten ruimtes,’ schrijft Griet op de Beeck in Kom hier dat ik u kus. We leven in onze hoofden en denken dat onze ratio op alles een antwoord heeft. Zo werkt het lang niet altijd. Oplossingen en onverwachte inzichten komen heel vaak niet van onze ratio. De mooiste ideeën en inzichten doe je op tijdens een wandeling, onder de douche of in je dromen. Op het moment dat je uit je hoofd stapt en je je onderbewuste laat spreken.

Creativiteit ligt buiten het domein van de logica. Door yoga en meditatie nemen we afstand van ons denken. Bij schrijven werkt het ook zo. Het gaat hierbij uiteraard niet om het schrijven van een artikel of een stuk voor je werk, maar om schrijven vanuit de losse pols, alleen datgene neerpennen wat jij aan het papier wilt toevertrouwen.

De volgende tips kunnen behulpzaam zijn bij het schrijfproces:

  1. Slow Writing: schrijf met de hand – door met de pen te schrijven, dwing je jezelf om langzamer te denken en met aandacht te schrijven. Je merkt dan dat je als vanzelf naar de buik gaat ademen, de ontspannende ademhaling. Zo is schrijven meteen ook een ademoefening.
  2. Houd vol – jezelf discipline aanmeten is een manier om je energie te stroomlijnen. Het is verbonden met positiviteit en creativiteit. Op de yogamat merk je al snel dat je soepeler wordt als je regelmatig oefent. Met schrijven gaat het precies zo. Zeg je tegen jezelf dat je een boek wilt schrijven, maar er steeds maar niet aan toekomt? Begin gewoon met schrijven. Elke dag, steeds weer, al zijn het maar vijf minuten. Open een nieuw schrift en schrijf, ook als je denkt dat je niets te melden hebt. Je zult merken dat de beelden in je gaan stromen, je hoeft ze alleen maar aan het papier toe te vertrouwen.
  3. Een atleet die eerst zijn sprong visualiseert, behaalt betere resultaten. Lukt een bepaalde yogahouding je niet, visualiseer deze dan eerst. Op die manier richt je je gedachten. Zo werkt het ook bij schrijven. Concentreer , visualiseer en focus je daarbij vooral op de details, niet op emoties. Wil je een bepaalde herinnering oproepen, doe dat dan eerst in je geest. Wat hoorde je, wat rook je, wat at je, hoe zag de omgeving eruit, wat hadden de mensen aan? Ga door tot je een helder beeld voor ogen hebt. Probeer het bijvoorbeeld eens uit met je eerste herinnering.
  4. Laat los – een groter cliché bestaat niet. Schrijven is schrappen en ‘Kill your darlings’. Maar loslaten betekent ook afstand nemen van de beelden die je van jezelf hebt, als: ik word de nieuwe Conny Palmen of het lukt me toch nooit een boek te schrijven. Schrijf onbevooroordeeld wat je wilt. Jij bent vooralsnog de enige die je tekst leest.
  5. Zelfonderzoek of svadyaya  is een belangrijke ‘do’ van de yoga. Al schrijvende ga je verbanden zien – om die reden houden veel mensen bijvoorbeeld een dagboek bij -, krijg je door waarom dingen gaan zo als ze gaan zie je ineens waar je voor wegloopt en waarom je doet zoals je doet. Je kunt onbespied naar jezelf kijken. ‘Uiteindelijk gaan schrijvers over hun obsessies schrijven,’ zegt Nathalie Goldberg in Schrijven vanuit je hart. ‘Dingen die hen achtervolgen; dingen die ze niet uit hun hoofd kunnen zetten; verhalen die ze in hun lichaam meedragen tot ze bevrijd worden. Stel dat je ‘jouw’ thema uit de weg gaat, dan gaat dat tegen je werken. Eenvoudig omdat het vermijden veel energie kost.’

 

———————————————————

 Liefde & karma

‘Wie tegenover anderen steeds gul is, wordt rijk. Want hoe meer hij geeft, hoe meer hij zal ontvangen.’ –
Boeddha

Oma als engeltje 

Mijn oma moest de oorlog door als weduwe – haar man was op de eerste dag van de oorlog bij een bombardement omgekomen – met zes jonge kinderen en zonder inkomen. Ze was katholiek, zeer vroom en haar geloof hield haar in die jaren op de been. Ze deed eenvoudigweg wat haar taak was – haar kinderen zo goed mogelijk groot brengen. Alles vanuit de overtuiging dat ze een groter goed diende, en dat God daarop toezag. Voor mij was die God als een man die vanuit de hemel streng op ons neerkeek. Ik benijdde mijn oma om haar oprechte geloof, maar kon die niet navoelen. Op het einde van haar leven kreeg ze het een stuk beter, en nog steeds als wij het over haar hebben – ze is allang dood en liet 19 kleinkinderen achter – spreken we met liefde over haar. Over de gezamenlijke sinterklaasfeesten, de logeerpartijen, haar gelijkmoedigheid en hoe ze altijd voor iedereen klaarstond.

De God van mijn oma is niet die van mij, maar in de yoga leerde ik dat in ieder van ons het goddelijke huist, een kern van pure liefde. Alleen, en dat zag ik bij mijn oma, is liefde ook vooral keihard werken. Karma heet dit in de yoga. Karma betekent dat alles wat je doet en denkt, als een boemerang naar je terugkomt. Straal je vrolijkheid, liefde en enthousiasme uit, dan komt dat ook weer naar je toe. Karma is in feite een pleidooi om liefdevol in het leven te staan. Goed karma verkrijg je door compassie, bescheidenheid, verdraagzaamheid. Al die eigenschappen had mijn oma in zich, maar ze mocht ook graag grapjes maken als ze mij en mijn broers naar bed bracht, dan duwde ze ons wild heen en weer op ’t bed zodat we lekker moe werden. En daarna tekende ze met haar duim een kruisje op ons voorhoofd. Lachen en liefde, mooier kan bijna niet.

’Wie tegenover anderen steeds gul is, wordt rijk. Want hoe meer hij geeft, hoe meer hij zal ontvangen.’
Boeddha

———————————————————

Te veel stress? Stop de mind

website.lelie

Een vriendin van me nodigt me uit voor een workshop lachen. Met een fikse dosis weerzin stem ik in. Dat gekunstelde gedoe is niets voor mij, maar uiteindelijk ga ik toch om. De aanstekelijke lach van mijn buurvrouw trekt me, of ik wil of niet, over de streep.

Net als ik onbedaarlijk zit te gieren van de lach, kapt de workshopgever ons af en moeten we van het ene op het andere moment stil zijn. Die stilte na het gebulder, voelt weldadig aan. ‘Als het lachen bezit van je genomen heeft,’ schrijft Osho in zijn boek Meditatie, de eerste en laatste vrijheid, stopt de mind. Lachen is een schitterende kennismaking met een toestand van niet-denken.’
Niet-denken raakt aan het belangrijkste doel van yoga, namelijk je geest tot rust brengen. Een van de belangrijkste yogasutra’s – een sutra is een spreuk en de Yogasutra’s werden een paar eeuwen voor onze jaartelling opgetekend – zegt: ‘Yoga is het stilleggen van je onrustige gedachten.’  En dat is een hele opgaaf met alles wat we najagen, willen en moeten van onszelf. Stress is een vast onderdeel van ons bestaan geworden.
Er zijn grote stressoren als het overlijden van een dierbare, een scheiding, verhuizing, ontslag. Er zijn kleinere stressoren, dagelijkse zaken waar we tegen aanlopen; je kind die niet naar school wil, een bezoek aan de tandarts, of de auto die niet wil starten. Tegenwoordig hebben we het zelfs over vakantiestress, waar wil je naartoe, lukt het nog een goedkope vlucht te regelen, een kamer te reserveren, krijg ik alles wel in die kleine koffer.

Pauzes in de geest
Stress betekent eigenlijk niets anders dan onder druk staan. Wat voor de één een bezoeking is, is voor de andere peanuts. Stress heeft dus veel te maken met de verhalen die je jezelf vertelt. ‘Ik kan dit werk echt niet aan. Ik heb de pest aan die vent. Ik ben zo moe.’ Met al negatieve ‘mantra’s’ zet je jezelf onder druk en die stress kan zich vastzetten in je lichaam, in de vorm van stijve schouders, rugklachten, kortademigheid, problemen met de spijsvertering, etc.
In de yoga hangen lichaam en geest nauw met elkaar samen.  En toch zijn er in de Yogasutra’s hoegenaamd geen houdingen opgenomen. Die kwamen pas vele eeuwen later, rond 1500, in een ander bekend standaardwerk te staan: de Hatha Yoga Pradipika. Slechts vijftien houdingen overigens, waarvan vier zithoudingen. En al die yogahoudingen hebben tot doel om je lichaam voor te bereiden op meditatie. Probeer het maar eens, als je twintig minuten stilzit, begin je van alles te voelen. Je onderrug verkrampt, je knieën branden, je voeten slapen. Vandaar dat yogi’s van oudsher oefeningen ontwikkelden om goed in een meditatiehouding te kunnen blijven zitten. Je gedachten worden niet meer afgeleid door je pijntjes en gevoeligheden in je lichaam, je concentreert je op je ademstroom en je zult merken dat je adem vertraagt. Er vallen pauzes tussen de ademhalingen in en in die stilte merk je dat de dingen helderder worden in je geest.

Verlang naar niets
Uit onderzoek is gebleken dat mensen die geregeld mediteren, gelukkiger en gelijkmoediger worden.  Maar wat meditatie je vooral brengt is dat je in het hier en nu bent. En in het nu hoef je nergens naar te verlangen, je hoeft niets te veranderen of te ontdekken. Je hoeft zelfs niets te doen, alleen te zijn. Alles wat stress kan oproepen, valt vanzelf weg.
Yogahoudingen en ademoefeningen zijn een prima en aangename manier om je lichaam en je geest voor te bereiden op meditatie.  Of ga gewoon een potje onbedaarlijk lachen.

serie Hatha Yoga Pradipika